Wetgeving en rechtspraak over arbeidsongevallen

Wetgeving

De belangrijkste wetgeving over arbeidsongevallen is de arbeidsongevallenwet van 10.04.1971.

Uitvoeringsbesluiten:

Koninklijke besluiten

Ministeriële besluiten

Reglementen 

Deze paragraaf werd laatst geactualiseerd op 18.07.2018. 

Rechtspraak

Hier vindt u een overzicht van de belangrijkste arresten die het Grondwettelijk Hof en het Hof van Cassatie hebben uitgesproken vanaf 2002 en waarin de bepalingen van de arbeidsongevallenwet van 10.04.1971 worden geïnterpreteerd. We hebben de rechtspraak gegroepeerd per thema.

Personeel toepassingsgebied 

Definitie van het begrip arbeidsongeval

Definitie van het begrip arbeidswegongeval

Dodelijk arbeidsongeval

Vergoedingen voor tijdelijke arbeidsongeschiktheid

Vergoedingen voor blijvende arbeidsongeschiktheid en hulp van derden

Terugbetaling van kosten

Basisloon

Betaling

Burgerlijke aansprakelijkheid

Verzekering en Fedris

Procedure van schadeloosstelling

Deze paragraaf werd laatst geactualiseerd op 08.08.2017.

Kleine statuten

Wat wordt bedoeld met "kleine statuten"?

Dit concept verwijst naar mensen die werk verrichten (al dan niet betaald) als onderdeel van een praktijkopleiding op de werkplek, buiten de onderwijsinstelling (eventueel in combinatie met theoretische lessen). De wetgeving verwijst naar "personen die werk verrichten in het kader van een opleiding voor betaald werk". Dit zijn voornamelijk stagiairs die niet onderworpen zijn aan de sociale zekerheid. Het betreft enkel opleidingen die worden georganiseerd binnen een wettelijk kader (met een werk-leercontract). Fedris stelt een lijst van deze opleidingen op.

Lijst leerwerkcontacten (214,83 KB)

Overzichtstabel leerwerkcontracten

Waarom deze verandering?

Voorheen waren mensen die werk deden in het kader van hun opleiding niet altijd gedekt door een verzekering die door de werkgever was afgesloten. Stagiairs werden daarom op een variabele manier beschermd. Daarom is de Wet op de arbeidsongevallen aangepast om alle "kleine statuten" op te nemen en zo een vergelijkbare bescherming als werknemers te garanderen.

Rechtsgrond: wet van 21 december 2018 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken (Belgisch Staatsblad van 17.01.2019).

Wie moet de stagiair verzekeren?

Een koninklijk besluit bepaalt wie de stappen moet ondernemen met betrekking tot de stagiair: het kan gaan om 

  • of de werkgever bij wie de stage wordt uitgevoerd, 
  • of de autoriteit die de stage organiseert (onderwijsinstelling of opleidingsinstantie). 

Deze verplichting treedt in werking op 1 januari 2020.

Rechtsgrondslag: koninklijk besluit tot uitvoering van de afdeling 1 van het hoofdstuk 2 van de wet van 21 december 2018 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken betreffende de 'kleine statuten' (Belgisch Staatsblad van 02.09.2019).

De persoon of organisatie die als werkgever wordt beschouwd, dient :

Onderwijs- en opleidingsinstellingen

Scholen, hogescholen, universiteiten en opleidingsinstituten, wanneer deze instellingen als "werkgevers" worden beschouwd:

  • moeten alle stage- en opleidingscontracten vanaf 1 januari 2020 aangeven,
  • hebben tot 30 juni 2020 de tijd om te voldoen aan de regels voor reeds lopende stage- en opleidingscontracten.

Voor meer informatie over de onmiddellijke aangifte (DIMONA): 

https://www.socialsecurity.be/employer/instructions/dmfa/nl/latest/intermediates

Als u nog meer vragen heeft, kunt u een bericht sturen naar petits-kleine_statutatfedris.be.